NL

Een dagje oppervlakte vissen met Reggy Bruinsma

-

Oppervlaktevissen was vroeger een heel belangrijk onderdeel van mijn visserij. Wat heb ik een uren langs de waterkant gelopen met alleen een hengel, een schepnet en een tasje met wat brood. En dit zowel overdag als `s nachts. Als 15-jarige jongen stapten mijn maat en ik `s `s ochtends vroeg op de fiets om na anderhalf uur stevig door te trappen aan het water aan te komen. Hierna struinden wij onvermoeibaar de hele dag en vaak ook nog de hele nacht de kanten af op zoek naar smakkende karper. Ik zie me nog langs de kant liggen, turend over het water op zoek naar rimpelingen die veroorzaakt werden door op onze korsten azende karper. Met kloppend hart werd dan heel voorzichtig een broodkorst zo dicht mogelijk bij de azende vis gelegd. De spannendste momenten beleefden we in het donker. Omdat we de aanbeet dan niet konden zien hielden we heel voorzichtig de lijn bij de molen vast tussen twee vingers en de spanning als de lijn ineens strak getrokken werd vergeet ik nooit.

Het korstvissen werd later vervangen door het vissen met drijvende katten- en hondenbrokken tot ik een jaar of 10 geleden met de zig begon te vissen. Deze visserij bleek op de wateren waar ik op dat moment viste zoveel effectiever dat ik het oppervlaktevissen nog maar een enkele keer per jaar toepaste. Tot vorig jaar.
Zoals we dat allemaal wel vaker doen zat ik wat karperfilmpjes te bekijken en op een van deze filmpjes werden prachtige beelden getoond van het vissen aan de oppervlakte. Mijn interesse was meteen weer gewekt. Dit seizoen moest ik deze visserij maar weer eens oppakken.

Een paar maanden later was het zover. De zomer was aangebroken en na een geweldig voorjaar zowel wat aantal als formaat betreft begon het allemaal wat minder hard te lopen. De eerste echt warme dagen kondigden zich aan waardoor de vis massaal de hogere waterlagen opzocht. Normaal gesproken zou dit de tijd zijn waarin ik overging op het vissen met de zig. Maar dit jaar zou het dus weer ouderwets oppervlaktevissen worden.
Mijn eerstvolgende vrije dag viel net voor de zomervakantie. Heel mooi want dan zou het nog relatief rustig zijn langs de waterkant. Ik had voor die dag 3 verschillende wateren op het oog die ik alle wilde bevissen. Dit klinkt misschien vreemd maar voor mij is het bevissen van meerdere wateren op een dag de gewoonste zaak van de wereld. Ik ben nu eenmaal een visser die snel actie wil hebben en lukt het op het ene water niet dan op naar het volgende.
Deze wateren lagen echter wel een flink eind uit elkaar dus helaas ging er kostbare vistijd verloren vanwege de reistijd. Dat moest ik dan maar op de koop toenemen. Als eerste koos ik voor het verst gelegen water. Uit ervaring wist ik dat de vis hier in de vroege morgen bij warm weer graag in een ondiepe hoek van het water verblijft.  Met de zig had ik hier al goede vissen gevangen maar drijvend vissen had ik hier nog nooit geprobeerd.
In de schemering kwam ik aan. Het water lag er prachtig bij. Er stond werkelijk geen zuchtje wind en hier en daar zag ik tekenen van vis. Het bleek alleen toch iets drukker met vissers te zijn dan ik had verwacht. Normaal gesproken zou ik eerst een rondje maken en kijken of de sector die ik wilde bevissen vrij is maar aangezien ik alleen een hengel, een net, een onthaakmat en een rugtas bij me had kon ik nu direct op pad. Gelukkig is de sector waar ik wilde gaan vissen een flink eind lopen dus zoals verwacht zat er niemand te vissen. Ik legde mijn spullen op een centrale plek neer vanwaar ik het water goed kon overzien en besloot eerst eens te kijken of ik iets zou zien. Snel bleek een behoorlijk deel van het bestand zich hier op te houden. Hier en daar sprong namelijk een vis en regelmatig zag ik deining van kort onder de oppervlakte zwemmende karper.
Mijn rugtas ging open en hieruit haalde ik een flinke zak kattenbrokken. Met een katapult maakte ik een aantal voerplekjes wat verder uit de kant en met de hand voerde ik naast een mooie rietkraag en tegen wat overhangende takken dezelfde kattenbrokken maar mengde deze met Riser Pellets van Nash. Zeker op water waar veel aan de oppervlakte gevist wordt trekken deze kleine pellets de vis sneller over de streep. Voor deze visserij had ik mijn oude 2 1/4 lbs hengel maar weer eens afgestoft en op mijn molen zat 10 lbs Ziggy. Deze lijn gebruik ik normaal gesproken voor het vissen met de zig maar vanwege het drijfvermogen is het ook de perfecte hoofdlijn voor het oppervlaktevissen.

Ziggy is vanwege het drijfvermogen de perfecte hoofdlijn voor het drijvend vissen.

Ik monteerde een Fox Exocet Floater en een onderlijn van een meter van dezelfde Ziggy. Als haak gebruikte ik een Chodhook CH-1 nr 8 die ik knotless knoopte. Door het afstaande oog blijft een mooie ruime opening over die de inhaking zeker bevordert. Ik had nog nooit met deze floaters gevist maar na een aantal spectaculaire beelden gezien te hebben van zichzelf hakende karpers moest ik deze ook eens proberen. En die mogelijkheid deed zich heel snel voor!
Binnen enkele minuten had ik namelijk zowel op de twee plekken onder de kant als op 1 van de plekken wat verder uit de kant azende karper. Omdat een gehaakte vis op de verder van de kant gelegen voerplek zeker het einde zou beteken van de plekken onder mijn eigen kant besloot ik deze laatste als eerste aan te pakken. Op een van deze plekken gingen twee vissen helemaal los op het drijvende voer. Altijd weer een prachtig gezicht. Snel prikte ik een stukje afgebeten popup op de haak en wierp mijn motage een eind voorbij de vissen. Voorzichtig draaide ik mijn floater dichterbij, de laatste meters tergend langzaam. De vissen bleken de floater en hoofdlijn echter niet helemaal te vertrouwen want ze bleven op veilige afstand azen. Er was goed te zien dat deze vissen ervaring hadden met oppervlaktevissen! Een van de vissen was een prachtige schub uit het oude bestand van hoog in de twintig pond. Deze vis aasde zoals zo vaak heel voorzichtig aan de buitenrand van het voer dat inmiddels aardig begon op te raken.
Omdat de vissen steeds van onder een paar takken vandaan de brokken benaderden schoot ik wat voer zo bij dat mijn montage tussen de takken en het voer lag. De kleinere vis schrok totaal niet van de neerdalende brokken maar de oude schub zwom rustig weg naar de takken en verdween uit het zicht. Een paar minuten later geloofde ik er niet meer in dat deze vis terug zou komen en wilde net gaan proberen de kleinere vis te vangen toen de schub onder de takken vandaan kwam en rustig naar het voer zwom. Onderweg pakte de vis heel rustig 2 brokjes waardoor de zwemrichtig iets veranderde in mijn voordeel want de vis zwom om de voerplek te bereiken nu recht op mijn haakaas af. Even remde de vis af, de kop kwam langzaam omhoog en de bek ging open. Weg was mijn popup! Meteen zette ik de haak. Raak! De vis zwom niet zoals ik verwachtte het wijd op maar keerde direct terug de takken in waar deze zich vastzwam. In het heldere water zag ik duidelijk de vis liggen en kopschuddend proberen de haak kwijt te raken. Hier moest snel gehandeld worden! Het 10-pondslijntje zou de druk van de trekkende vis niet eeuwig houden dus snel trok ik mijn T-shirt en korte broek uit waarna ik met mijn hengel in mijn hand direct het water instapte. Dat bleek dus even wat dieper te zijn dan ik dacht. In het heldere water schatte ik het op een dikke meter maar ik bleek er niet eens te kunnen staan. De hengel gooide ik dus met de slip los op de kant en ik zwom naar de dode tak waar de vis aan vast zat. Daar aangekomen voelde ik dat de lijn om de tak gedraaid zat. Watertrappelend met 1 been zette ik mijn andere voet tegen de tak vlak naast de lijn en gaf met 1 hand een ruk aan de tak. Gelukkig brak deze direct af waarna ik de lijn makkelijk los kon krijgen. De vis was vrij! Snel zwom ik terug naar mijn hengel. De vis bleek door deze actie flink vermoeid want erg veel deed deze niet meer. Des te beter! Zo die was binnen. De eerste van de dag en meteen een mooi oudje.

Het was een mooie schub uit het oude bestand.

Na deze actie waren de vissen onder de kant verdwenen en kwamen ook niet meer terug. De 2 plekken wat verder uit de kant leverden binnen een uur wel nog 4 karpers op en stuk voor stuk waren de aanbeten super spectaculair. De vissen bleken zich inderdaad te haken op de floater wat het vissen op deze wat grotere afstand een stuk makkelijker maakte. Na de 5e vis kwamen er helaas twee andere vissers vrij dichtbij zitten waardoor de vissen de sector verlieten. Tijd om naar het volgende water te verkassen.
Dit 2e water had ik nog nooit bevist. Wel had ik er een paar dagen eerder met Lewis wat rondgekeken en vrij snel vonden wij een stuk of 10 vissen bij elkaar liggend. De meeste van deze vissen waren kort in de 20 pond maar er waren 2 uitschieters. Beide vissen wogen zeker dik in de 30 pond maar zowel Lewis als ik vonden de plaats waar de vissen zich ophielden niet verantwoord bevisbaar vanwege de vele obstakels. Wel konden we mooi testen hoe deze vissen reageerden op drijvend voer. Kattenbrokken werden erg voorzichtig en sporadisch gepakt maar de Riser Pellets gingen er goed in bij de kleinere vissen. De 2 grote vissen deden aan dit spelletje echter niet mee. We besloten de vissen een paar flinke handen van deze mix te geven en zouden hier zeker nog eens terugkomen.
Nu, 4 dagen later was het zover. Eerst besloot ik gewapend met een zak drijvend voer te gaan kijken of ik iets interessants kon zien. Het eerst ging ik naar de obstakelplek en net als vorige keer lag er weer een groepje vissen. Aan het formaat te zien konden dit best eens grotendeels dezelfde vissen zijn als een paar dagen geleden. De 2 grote vissen zag ik echter niet. Een meter of honderd verderop lag een echte droomplek. Een mooi lelieveld, om de meter overhangende takken, een hoge kant en nergens ruimte voor een tent. Voor de sessievissers een onaantrekkelijke plek, voor mij een hele aantrekkelijke! Tussen de lelies strooide ik wat van mijn drijvende mix waarna ik een verder rondje langs het water maakte. Dit leverde niets op dus ik ging maar weer kijken waar ik gevoerd had. Voorzichtig kroop ik naar voren en keek vanaf de hoge kant in het water. Wat was dat nu? De enige brokken die ik nog zag liggen waren die bovenop de leliebladeren terecht waren gekomen. Dit was beslist geen werk van watervogels. Deze hadden namelijk zeker ook de brokjes op de lelies meegenomen. Hop daar ging weer een handje voer het water in. Ik besloot even te kijken wat er zou gebeuren. Vrijwel direct begonnen de lelies te bewegen en begonnen er vissen brokjes te pakken. Hier zou ik met aangepast materiaal best kunnen vissen. De lelies lagen niet te dicht bij elkaar en de takken hingen niet te ver in het water. Ik zag geen spoor zag van de grote vissen maar een lage twintiger aan de oppervlakte op een nieuw water wilde ik nu ook weer niet laten lopen.
Snel liep ik naar mijn auto. Op de molen zette ik een reservespoel die gevuld was met 20lbs On-Top. Deze lijn is perfect voor het oppervlaktevissen tussen obstakels en snijdt moeiteloos door leliestengels heen. Een floater was hier niet nodig en niet gewenst omdat het vissen recht onder de hengeltop plaats zou vinden. Enkel een haak zou dus volstaan.

Binnen enkele minuten was ik terug. De vissen waren druk op zoek naar de laatste brokken dus ik voerde nog een handje bij en prikte weer een stukje popup op de haak. Op dit kleine plekje zou ik maar 1 kans krijgen want een vis hier haken zou de andere vissen zeker verjagen. Uiteraard wilde ik de grootste vis uitzoeken die ik zag. 1 van de vissen had een grotere bek dan de andere vissen. Door het troebele water en de leliebladeren kon ik alleen geen goede inschatting maken van het gewicht, maar het was zeker een dikke twintiger. Deze vis moest het dan maar gaan worden. Rustig hapte de vis brok na brok naar binnen en ik liet mijn haakaas zo onder mijn top in zijn open bek zakken. Vervolgens ging de bek dicht en mijn hengel omhoog. Het water ontplofte waarna de vis mij verraste met een hard schot waar geen einde aan leek te komen. Gelukkig deed de lijn precies waarvoor ik deze gekozen had en sneed dwars door de leliestengels heen. Maar aan elk schot komt een eind dus ook aan dit schot. De vis gaf nog een paar flinke beuken en zwom toen rustig naar mijn eigen kant. Door de hengel zo ver mogelijk naar voren te houden kon ik de lijn redelijk van de takken afhouden en even dacht ik dat ik voor de 2e maal deze dag het water in moest. Gelukkig veranderde de vis ineens van koers en bleef vervolgens een tijd rustig recht voor mij uit wat verder uit de kant heen en weer zwemmen. Als ik de vis niet had gezien had ik zeker gedacht een dikke vis aan het drillen te zijn. Het voelde namelijk allemaal behoorlijk zwaar en log aan. Zou ik me dan zo vergist hebben? Om de vis binnen schepbereik te krijgen moest deze nog even door de lelies getrokken worden en hierbij zag ik de vis voor het eerst pas goed. Die ging zo op het oog toch wel een eind richtig de dertig pond. Het scheppen werd nog een flinke toer vanwege de hoge kant. Mijn hengel legde ik met losse slip op de grond waarna ik mij naar beneden liet zakken tot mijn voet rustte op een boomstronk.Met de lijn in mijn hand kon ik de vis zo mijn net in trekken. En nu? Ik besloot eerst de steel los te maken, stak de baleinen van het net in de grond en klom weer omhoog. Uit mijn auto haalde ik mijn camera met statief, mijn unster, weegzak en onthaakmat. Eerst stelde ik mijn camera op zodat ik snel foto`s kon nemen. Ik maakte de weegzak nat en stelde de unster in. Daarna legde ik mijn onthaakmat dicht bij de kant en klom ik weer naar beneden. Ik trok de baleinen uit de grond en tilde het net op. Hierbij zag ik de vis voor het eerst en begreep direct waarom deze zo zwaar aanvoelde. Het was een bak! Die ging hard op weg naar de 20kg en was zeker mijn zwaarste oppervlaktevis ooit. Met een hand hield ik mij vast aan een tak en met de andere tilde ik de vis in een beweging uit het water op de, op schouderhoogte liggende, onthaakmat. Wat was ik blij altijd hard getraind te hebben! Op de mat kon ik de vis eindelijk goed bekijken. Het was absoluut een van de grote vissen die Lewis en ik een paar dagen geleden gezien hadden. Mijn inschatting van het gewicht bleek juist en snel maakte ik wat foto`s van de vis waarna ik deze een eind verderop waar de kant lager was terugzette. Ongelooflijk, een van de zwaarste, zo niet de zwaarste vis van het water binnen de eerste seconde dat ik er een aasje laat zakken. Dat is ook alleen maar mogelijk met oppervlaktevissen. De dril had deze sector van het water flink op zijn kop gezet en aangezien ik verder geen vis meer kon vinden besloot ik naar water nummer 3 te gaan.
Ook hier ging ik eerst weer een stuk lopen met alleen een tas voer. Ik klom in bomen, kroop door bosjes en hing over bruggen. Maar hoe ik ook zocht vis kon ik niet vinden. Ik vond het eigenlijk wel mooi ook. Ik was vanmorgen al vroeg op pad en het constant rondstruinen bij een temperatuur van boven de 30 graden begon aardig zwaar te worden. Met 6 vissen waaronder een hoge twiniger en een hoge dertiger was het mijn meest succesvolle oppervlaktedag ooit geweest.

Absoluut mijn oppervlakte PB!